Tekening-telefoon
Zin, tekening, zin, tekening - tot niemand het nog snapt. Je schrijft een zin, geeft door; die tekent hem, vouwt de zin weg en geeft door; die schrijft wat hij ziet. Aan het eind lees je alles voor.
Waarom dit spel werkt
Niet elk kennismakingsspel moet over jezelf gaan. Samen lachen is óók kennismaken, en voor verlegen kinderen vaak de enige ingang die op dag één werkt. Bovendien maakt dit spel iets tastbaars dat je aan het eind samen bekijkt, en dat geeft de groep een gedeelde herinnering - de kortste weg naar 'wij' in plaats van 'ik en die anderen'.
Wat je nodig hebt
Materiaal
- Eén vouwstrook per kind (zie printblad); een lang blad met afwisselend een schrijfstrook en een tekenvak.
- Potloden of pennen, één per kind.
- Een timer.
Vooraf klaarzetten
- Print één strook per kind. Elke strook heeft evenveel vakken als er kinderen in een rij zitten.
- Zet de tafels zo dat er duidelijke rijtjes van zes tot acht ontstaan; iedereen geeft altijd in dezelfde richting door.
- Bepaal de doorgeefrichting en wijs die aan met je arm. Dat scheelt vijf minuten uitleg.
De opstelling
Rijen of kringen van zes tot acht kinderen aan tafels. Iedereen geeft altijd naar dezelfde kant door.
Zo leg je het uit
Bovenaan je blad schrijf je één zin - hoe gekker, hoe beter. Bijvoorbeeld: 'Een kat rijdt op een fiets naar de maan.' Dan geef je je blad door. Wie het krijgt, tekent die zin in het vak eronder. Daarna vouwt hij de zin naar achteren zodat alleen de tekening zichtbaar is, en geeft weer door. De volgende kijkt naar de tekening en schrijft eronder wat hij ziet. Zo gaat het door tot je blad vol is.
Stap voor stap
Eerste zin
Iedereen schrijft bovenaan één zin. Eén minuut, timer erop. Wie niets bedenkt, mag er een van jou lenen: hou er drie klaar.
Doorgeven en tekenen
Doorgeven in de afgesproken richting. Nu tekenen: negentig seconden, niet meer. Tijdsdruk maakt de tekeningen slechter en dus grappiger.
Vouwen en doorgeven
De zin naar achteren vouwen zodat alleen de tekening te zien is. Doorgeven.
Zin schrijven bij de tekening
Eén minuut om te schrijven wat je ziet. Dan de tekening wegvouwen en doorgeven. Zo afwisselen tot het blad vol is.
Voorlezen
Elk blad gaat terug naar wie de eerste zin schreef. Die vouwt het helemaal open en leest alles voor, van boven naar onder. Dit deel duurt langer dan je denkt en is het hele spel waard - reken tien minuten.
Varianten
Alleen tekenen
Voor jonge kinderen: alleen tekeningen doorgeven, geen tekst. Werkt vanaf zes jaar.
Kennismaak-versie
De eerste zin moet iets zijn dat echt over jezelf waar is. Aan het eind raad je van wie de originele zin was.
Snelversie
Dertig seconden per vak. Kortere bladen (vier vakken), twee rondes. Ideaal als tijdvuller.
Makkelijker en moeilijker maken
Vier vakken in plaats van acht, en meer tijd per vak. Voor 6-8 jaar alleen tekenen.
Geen tekst, alleen symbolen en pictogrammen. Of: de zin moet elke keer een woord langer worden dan de vorige.
Waar het meestal misloopt
- Kinderen bekijken de vorige vakken. Doe het vouwen één keer voor met een blad in de lucht - dan is het meteen duidelijk.
- Te veel tijd per vak. Hoe langer ze tekenen, hoe herkenbaarder de tekening, hoe saaier het einde. Kort houden.
- Rijen van meer dan acht: het duurt te lang en de laatste kinderen wachten. Liever twee rijen van zes.
Afsluiten
Printklaar materiaal
Openen, printen op ware grootte (100%), knippen. Alles staat ook samen in de printbank.