Het Naamwapenschild
Vier vakken over jezelf, en iemand anders stelt je voor. Een wapenschild met vier vakken: wat ik graag doe, waar ik graag ben, waar ik goed in ben, iets wat niemand weet. Daarna stel je elkaar voor.
Waarom dit spel werkt
Tekenen geeft denktijd. Kinderen die in een kring dichtklappen, vullen op papier moeiteloos vier vakken in. De echte truc zit in de tweede helft: je vertelt niet je eigen schild, maar dat van je buur. Wie voorgesteld wordt, hoeft niets te zeggen; wie voorstelt, praat over iemand anders - en dat durven kinderen veel makkelijker. De schilden aan de muur worden bovendien de rest van de week een naslagwerk voor namen.
Wat je nodig hebt
Materiaal
- Eén wapenschild-blad per kind (zie printblad).
- Kleurpotloden of stiften, genoeg voor iedereen.
- Plakband of een prikbord om ze op te hangen.
Vooraf klaarzetten
- Maak zelf één wapenschild af als voorbeeld. Doe het slordig genoeg zodat niemand denkt dat het mooi moet zijn.
- Print één blad per kind plus vijf reserve.
- Bepaal vooraf waar ze komen te hangen - kinderen vragen dat als eerste.
De opstelling
Aan tafels, in groepjes van vier tot zes. Voor de tweede helft: kring.
Zo leg je het uit
Dit is jouw wapenschild. In het midden schrijf je je naam, groot. In de vier vakken teken of schrijf je: één ding dat je graag doet, één plek waar je graag bent, één ding waar je goed in bent, en één ding dat bijna niemand van je weet. Tekenen mag, schrijven mag, allebei mag. Het hoeft niet mooi te zijn - het moet over jou gaan.
Stap voor stap
Voorbeeld tonen
Laat jouw eigen schild zien en vertel het in dertig seconden. Kort houden: hoe langer jij praat, hoe langer zij denken dat het moet.
Tekenen
Vijftien minuten. Zet muziek op. Loop rond en help wie vastzit met vragen, niet met ideeën: 'Wat deed je zaterdag?' werkt beter dan 'Teken een voetbal'.
Uitwisselen in duo's
Ruil je schild met je buur. Vijf minuten: je vraagt door over de vier vakken. Je mag alles vragen, je hoeft niet alles te antwoorden.
Voorstellen
In de kring stelt iedereen zijn duo voor: 'Dit is Nour, zij is graag bij haar oma, ze is goed in tekenen, en bijna niemand weet dat ze een Turks paspoort heeft.' Dertig seconden per kind.
Ophangen
Alle schilden aan de muur, naast elkaar. Loop er samen langs. Dat is het einde van het spel én het begin van de groepsruimte.
Varianten
Naam-acrostichon
Voor 10+: schrijf je naam verticaal en bij elke letter iets over jezelf. Moeilijker, en het levert prachtige dingen op.
Wapenschild van de groep
Nadat iedereen zijn eigen schild af heeft: maak samen één groot schild voor de hele groep, met wat jullie gemeen hebben.
Zonder tekst
Alleen tekeningen, geen letters. Voor kleuters en voor kinderen die de taal nog leren - en het maakt het voorstellen juist spannender.
Makkelijker en moeilijker maken
Twee vakken in plaats van vier. Voor kleuters: alleen 'wat ik graag doe' plus je naam en een zelfportret.
Vier vakken plus een wapenspreuk: één zin die over jou gaat. En bij het voorstellen mag je alleen vertellen wat je door dóórvragen te weten kwam.
Waar het meestal misloopt
- Kinderen die 'ik kan niet tekenen' zeggen. Toon je eigen slordige voorbeeld en zeg: schrijven mag ook. Nooit aandringen op tekenen.
- Het vak 'iets wat niemand weet' voelt te eng. Zeg erbij: het mag iets kleins zijn - je lievelingskleur, dat je een vis hebt. Niets moet.
- De voorstelronde overslaan bij tijdgebrek. Doe hem dan in duo's-van-duo's, maar sla hem niet over: daar zit de kennismaking.
Afsluiten
Printklaar materiaal
Openen, printen op ware grootte (100%), knippen. Alles staat ook samen in de printbank.