Welk hoofdstuk, welke waarde?
Elk getal van de module werd in een ander hoofdstuk berekend of beslist. Gebruik het ontleedblad en de kerngetallen in het handboek.
- aVul de tabel aan.20,2 W/K (hoofdstuk 19); 2,46 kWh (hoofdstuk 16 en 20); 1,2 L/min (hoofdstuk 36); 200 µmol/(m²·s), 16 uur (hoofdstuk 25 en 36); 5,8, band 5,5 tot 6,5 (hoofdstuk 15); open boven 27 °C, dicht onder 25 °C (hoofdstuk 31); 0x44 (hoofdstuk 30); 40 % (hoofdstuk 20 en 29); 14,8 A (hoofdstuk 23); 48 (hoofdstuk 4 en 36).
- bKies één waarde uit de tabel. Wat verandert er in het project als ze 20 % groter blijkt? Geef minstens één getal.Bijvoorbeeld het warmteverlies: 24,2 W/K in plaats van 20,2. Overdag bij −8 °C is dat : de convector van 800 W volstaat nog, met 171 W reserve in plaats van 275 W. Het station levert 20 % meer warmte, en een nachtscherm wordt aantrekkelijker. Waar de leraar op let: een keten van gevolgen, met minstens één herrekend getal en de eis die erdoor geraakt wordt (K1).
