Verhaal uitwerken — denk na over wat je las

Twee bladen: blad 1 gaat over de personages en de opbouw (begin–midden–einde), blad 2 over de mooiste zin, een eigen ander einde en een tekening van het belangrijkste moment. Hoort bij de Leesopdracht. Werkt voor élk van de verhalen.

Printen: knop rechtsboven of Ctrl+P → "Opslaan als PDF" · elk blad = één A4.

Ik werk mijn verhaal uit · blad 1

Naam:   Verhaal dat ik las:

De personages

Wie komen er voor in het verhaal? Teken ze en schrijf hun naam en één woord dat bij hen past.

naam:
is:

naam:
is:

naam:
is:

Wat gebeurt er?

BEGIN

MIDDEN

EINDE

Ik werk mijn verhaal uit · blad 2

De mooiste of spannendste zin

Schrijf één zin uit het verhaal over die jij het mooist, grappigst of spannendst vond.

Mijn eigen ander einde

Wat zou er gebeuren als het verhaal ánders eindigde? Schrijf jouw nieuwe einde.

Het belangrijkste moment

Teken het moment dat je nooit meer zult vergeten uit dit verhaal.

Mijn score voor dit verhaal

Kleur de sterren die je geeft.

☆ ☆ ☆ ☆ ☆