Meetcircuit — schat, meet, check (6 stations)

Twee A4's: een circuitkaart per leerling (schatten → meten → verschil) en een set stationskaartjes voor de leerkracht om bij elk station te leggen. Elk kind schat eerst álle zes stations, gaat dan meten met echt gereedschap en berekent het verschil. Winnaar = kleinste totale afwijking. Print de circuitkaart per kind (80 g volstaat); print de stationskaartjes op stevig papier (160 g), knip en lamineer — die set gaat alle dagen mee. Gebruikt bij: Schat – meet – check circuit.

Printen: knop rechtsboven of Ctrl+P → "Opslaan als PDF" · elk blad = één A4.

Meetcircuit · schatten → meten → verschil · kaart voor jou

Naam:

Zo doe je het: 1 schat & schrijf op · 2 meet met het gereedschap · 3 reken het verschil (grootste − kleinste).

Station Meet in 1 · SCHATTING 2 · METING 3 · VERSCHIL
De gang
Hoe lang?
m
De appel
Hoe zwaar?
g
De fles
Hoeveel water?
ml
De deur
Hoe hoog?
cm
Het liedje
Hoeveel seconden?
s
De pot erwten
Hoeveel stuks?
stuks
Mijn totaal verschil:   — tel alle getallen uit de groene kolom op. Wie het laagst zit, is de schat-kampioen!

Stationskaartjes · voor de leerkracht · leg er één bij elk station

✂ knip & lamineer
1 · DE GANG Meet met de rolmeter · antwoord in meter (m)
2 · DE APPEL Meet met de weegschaal · antwoord in gram (g)
3 · DE FLES Giet leeg in de maatbeker · antwoord in milliliter (ml)
4 · DE DEUR Meet met de rolmeter · antwoord in centimeter (cm)
5 · HET LIEDJE Klok met de stopwatch · antwoord in seconden (s)
6 · DE POT ERWTEN Tellen of turven · antwoord in stuks

Tip: leg bij elk station het echte gereedschap klaar. Na afloop onthul je de juiste getallen zodat de kinderen zelf hun verschil kunnen nakijken.