Plan 7 — Het waterrad
De molen van de boerderij: maal 'graan' op waterkracht naast de regenton.
9-11halve tot 1 dagprintbaar als werkblad

Onderdelen
| Onderdeel | # | Opmerking |
|---|---|---|
| Plank 60 cm | 2 | onder- en bovenbalk frame |
| Plank 40 cm | 2 | staanders |
| Schoep 8–10 cm | 6 | totale rotor maximaal circa 26 cm in dit frame |
| Wiel Ø 120 mm + as | 1 | het hart van het rad |
| M8-bout + vleugelmoer | 12 | |
| Emmer + gieter | 1 | de 'rivier' |
Bouwstappen
- Bouw het portaalframe: twee staanders op de onderbalk, bovenbalk erover.
- Bout de zes schoepen gelijk verdeeld op het wiel (elk gat op de wielrand is een plek).
- Hang de as in twee tegenover elkaar liggende gaten van de staanders — het rad moet vrij draaien.
- Giet water op de schoepen net vóór het hoogste punt: draait het? Verplaats je gietpunt en kijk wat sneller gaat.
- Bind een touwtje met een gewichtje aan de as: kan je rad al iets ophijsen terwijl het draait?
Test & verbeter Hoeveel rondjes draait het rad op één gieter water? Verander de hoek van dezelfde schoepen en meet opnieuw; maak ze niet langer dan het frame toelaat.
Maak het van jou Ontwerp een overbrenging: het rad drijft via een touwlus een tweede asje aan dat 'graan maalt' (een roerstokje in een bak rijst).