Teken via code — graph paper programming

Twee A4's. Blad 1: de symboolsleutel (5 symbolen) met twee uitgewerkte voorbeelden — lamineer dit als tafelsleutel, 1 per duo. Blad 2: het werkblad met twee lege 8×8-rasters en coderegels — kind A tekent en schrijft de code, kind B voert de code "blind" uit op het tweede raster. Verschil tussen de twee tekeningen = een bug die ze samen zoeken. Bijna taalvrij (alleen symbolen) — sterk voor OKAN. Gebruikt bij: Graph Paper Programming (teken via code).

Printen: knop rechtsboven of Ctrl+P → "Opslaan als PDF" · elk blad = één A4.

Teken via code · symboolsleutel · blad 1/2

1 naar rechts
1 naar links
1 omlaag
1 omhoog
kleur dit vakje
Start altijd linksboven. Lees de code van links naar rechts en doe precies wat er staat — niets meer, niets minder. Net een echte computer!

Voorbeeld 1 · streepje van 3

■ → ■ → ■

Voorbeeld 2 · blokje van 4

■ → ■ ↓ ■ ← ■

Zie je een patroon dat terugkomt? Schrijf het maar één keer op met "3×" ervoor — dat is een lus!

Teken via code · werkblad voor een duo · blad 2/2

1 · Kind A tekent kleur vakjes in dit raster

3 · Kind B voert uit alleen naar de code kijken!

2 · Schrijf de code met de symbolen → ← ↓ ↑ ■ van blad 1 · start linksboven

4 · Vergelijk! Zijn de twee tekeningen precies gelijk?   ja  ·  nee → verschil = bug! 🐜

Waar zat de bug — in de code of in het uitvoeren?

Daarna wisselen: kind B tekent, kind A voert uit (nieuw blad).